Erop of eronder
De laatste keer dat ik over de beurzen schreef was begin maart. De visie was toen dat de beurzen nog steeds in een opwaartse trend zaten. Sindsdien is er veel veranderd.
De laatste tijd hebben diverse lezers zich afgevraagd waar mijn analyses en columns bleven. Ik heb me de laatste twee maanden met wat andere zaken beziggehouden. Ik moet overigens zeggen dat mijn handen regelmatig jeukten, er waren genoeg immers onderwerpen om over te schrijven.
Even terug naar de markten. Eind vorig jaar kwam ik met de analyse dat 2010 een overgangsmarkt zou worden. Na de enorme rally die we vanaf maart 2009 hebben gezien, leek het me logisch dat 2010 gebruikt zou worden om op adem te komen. Bovendien zou de crisis best nog weleens een oprisping kunnen krijgen.
In de eerste vier maanden van het jaar bleven de beurzen echter opvallend goed liggen. Technisch hadden we begin maart zelfs nieuwe opwaartse uitbraken. Ondanks een felle correctie begin februari bleef het patroon van hoger liggende toppen en bodems in de grafieken intact.
De laatste weken is er echter veel veranderd. Het sentiment is omgeslagen door perikelen van de overheidsbegrotingen, het mogelijk uit elkaar spatten van het europact en wat onhandige uitspraken van enkele beleidsmakers over de stabiliteit van het systeem. Het sentiment is negatief, ondanks dat het overgrote deel van de bedrijfscijfers positief en doorgaans boven de verwachtingen is.
Het sentiment, daar draait het natuurlijk altijd om. Grafieken kunnen behulpzaam zijn bij het in beeld brengen van dit sentiment. De grafiek is immers de gelaatsuitdrukking van de markt. En wie de verschillende grafieken van de bekende beurzen op zich in laat werken, moet eigenlijk minder positief worden. Sterker nog, het is eigenlijk erop, of eronder.
Verschillende indices zijn uit hun opwaartse trend gevallen. Hieronder staat het voorbeeld van de CAC40, waar de koers onder het 200-daags Voortschrijdende Gemiddelde is gezakt en een dubbele topformatie is voltooid. Een vergelijkbare situatie zien we bij meerdere, meestal Zuid-Europese landen, zoals Spanje en Italië.
Er zijn meer voorbeelden. Verschillende opkomende markten als Brazilië en China zijn uit de opwaartse trends gezakt. Ook Australië, zie onderstaande grafiek, is door een belangrijke horizontale steun gezakt. Deze steunlijn is getrokken onder de twee laatste bodems.

Aan de andere kant zijn er ook nog beurzen waar strikt genomen de opwaartse trend nog steeds intact is, bijvoorbeeld de Dax, Footsie en de Amerikaanse indices. Maar het is kantje boord. De S&P500 laat nog wel hogere toppen en bodems zien, test nu een belangrijke steunlijn en stoeit met het 200-daags Voortschrijdende Gemiddelde.

De Nikkei laat ook nog een patroon van hogere toppen en bodems zien, de koers lijkt nu onder het 200-daags Voortschrijdende Gemiddelde te gaan zakken. Deze gemiddelde lijn is overigens nog stijgende. In theorie is het bereiken van dit lange gemiddelde een koopmoment zolang de toppen en bodems hoger blijven liggen en het gemiddelde zich opwaarts beweegt. Belangrijk is nu waar de bodem hier tot stand komt.
Tot slot nog even de AEX. Belangrijk is hier de steunzone tussen de 309-312. Als die niet houdt dan hebben we ook hier de eerste ernstige verzwakking van de opwaartse trend. Er ligt overigens nog steun rond de 297, maar of die gaat houden is bij een doorbraak door boven genoemde steunzone nog maar de vraag.
Kortom, grote waakzaamheid is geboden. Als ook de Amerikaanse beurzen het niet drooghouden, is het verstandig het aandelenbelang in de portefeuilles (wat) af te bouwen. Het eerste deel van het jaar was voor mij positiever dan verwacht. Nu verslechtert het sentiment ook weer sneller dan verwacht. Zoals altijd doen de markten toch wat ze willen. De visie dat 2010 een overgangsjaar wordt blijft vooralsnog overeind staan.